1946 – Hij wist dat Overhoff een illegaal werker was

Facebooktwitter

Terug naar de indexpaginaUitleg over tribunaalverslagen in de krant

Sch. Huisman te ‘s-Gravendeel

Aanklacht 26 juni 1946 

De vlasser Sch. Huisman te ‘s-Gravendeel had, naar hij zeide, geen draaibord willen zijn en daarom had hij de N.S.B. waarbij hij zich in 1934 had aangesloten en waarin hij toen iets goeds zag, niet den rug willen toekeren, toen het slecht begon te gaan met de Beweging. Hem werd voorts ten laste gelegd dat hij zich vanaf 1941 heeft aangesloten hij de W. A., dat hij voor deel getrokken uit door of vanwege den vijand of diens handlangers genomen maatregelen (hij had een radio kunnen behouden); dat hij buurtschapshoofd van den N.V.D. is geweest en dat hij als lid was ingeschreven bij het economisch front, zijnde een nationaal-socialistische instelling. Ten aanzien van het punt W. A. verklaarde H. dat destijds alle N.S.B.-ers onder de veertig jaar gedwongen werden zich daarbij aan te sluiten. Hij had slechts vier oefeningen meegemaakt en had daarna niets meer van zich laten hooren. Een uniform en wapens had hij niet gehad. Met den Volksdienst had hij zich in het geheel niet bemoeid. Het bleek, dat hier sprake was van een naamsverwisseling, daar een zekere Huisson bedoeld werd. H. verklaarde tenslotte anti-Duitsch te zijn. Zijn raadsman, mr. Van Bokhoven, schetste zijn cliënt als iemand, die niet halfslachtig had willen zijn, en als een persoon, die niet slecht bekend staat. De radio, die hij had kunnen behouden, was niet van hemzelf, maar hij had het apparaat voor een ander in bewaring genomen. Voorts wees de verdediger er op, dat zijn cliënt nooit iemand verraden heeft. Ter staving van deze bewering voerde spr. aan, dat H. steeds geweten heeft, dat Overhoff een vooraanstaand illegaal werker was. Dit heeft hij evenwel nimmer ter kennis van derden gebracht. Voorts verhaalde de raadsman, dat een Duitsch Sonderkommando bij H. en zijn vader voor een zeer groot bedrag aan vlas vorderde, zulks op aanwijzing van de goede Nederlanders in ‘s-Gravendeel, die „die N.S.B-ers wel eens te grazen wilden nemen”. Bij zes andere vlassers in de buurt werd in het geheel geen vlas weggehaald. Ofschoon een en ander voor H. een groots schadepost beteekende – hij kreeg nimmer iets voor het in beslag genomen vlas vergoed — en hij wist, wie hem die poets gebakken hadden, heeft hij zich nooit tot de Duitschers gewend om wraak te nemen. Hieruit leidde spr. af, dat zijn cliënt geen verrader is. Spr. besloot met het tribunaal te verzoeken H. onmiddellijk in vrijheid te stellen. Na raadskamer wees het tribunaal dit verzoek af.

Uitspraak 10 juli 1946

Sch. Huisman, vlasser te ‘s-Gravendeel: interneering met het advies deze te beperken tot 1 Mei 1947; verbeurdverklaring van het vermogen tot een bedrag van f 7500 alsmede verbeurdverklaring der inbeslaggenomen goederen; ontzetting uit de kiesrechten en het recht openbare ambten te bekleeden en bij de gewapende macht te dienen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.