1944 – Inundatie en evacuatie

Facebooktwitter

In februari 1944 werden grote delen van de Hoeksche Waard onder water gezet door de bezetter; dit om het de oprukkende geallieerden zo moeilijk mogelijk te maken. In februari 1944 werd onderstaande mededeling opgehangen alle inwoners dienen dit gebied te verlaten! Een ingrijpende gebeurtenis voor veel Hoeksche Waarders, de regels waren streng en het tempo was hoog, zie: 1944 – Aanwijzingen voor de evacuatie (inundatie)

Poster ‘Bekendmaking’- februari 1944

De bekendmaking voor de gemeente Zuid-Beijerland, ondertekend door AB (burgemeester A. Becking). 

In opdracht van den Weermachtsbevelhebber in Nederland heeft de Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied in verband met de voorgenomen onderwaterzetting van enkele kustgebieden de volledige ontruiming van (een gedeelte van) deze gemeente bevolen. Het gebied, dat in deze gemeente ontruimd moet worden is (ingevuld met potlood: de geheele gemeente) 
Alle inwoners dienen dit gebied te verlaten. Met de ontruiming wordt onmiddellijk een aanvang gemaakt. Zij zal binnen enkele weken moeten zijn voltooid. Zij, die zelf voor een evacuatie-adres kunnen zorg dragen, dienen daarvan ten spoedigste ter gemeente-secretarie in persoon mededeeling te doen. Eigen evacuatie-adressen zijn alléén toegelaten ten oosten van de lijn, getrokken over Amsterdam, Gouda, Dordrecht, Breda, zuidwaarts naar de Belgische grens (genoemde gemeenten inbegrepen). Bij wijze van uitzondering kan vestiging worden toegestaan (echter met uitsluiting van de onmiddellijke „Kuststrook”) ten westen van deze lijn 1e aan hen, die aldaar onderdak kunnen vinden bij hun naaste familieleden

2e. aan hen, die kunnen aantoonen, dat het volstrekt noodzakelijk is, dat zij aldaar worden te werk gesteld.

Het verzoek hiertoe moet onverwijld ter gemeente-secretarie worden ingediend. Zij, die niet zelf over een evacuatie-adres beschikken, worden voorloopig ondergebracht in de gemeente Rotterdam. Zoodra hiertoe gelegenheid is zullen deze personen worden ondergebracht op het platteland in de provinciën Zuid-Holland en Utrecht, ten oosten van de lijn, getrokken over Amsterdam, Gouda, Dordrecht. De afvoer wordt zoodanig geregeld, dat de personen, wier aanwezigheid bij de ontruimings-maatregelen niet dringend noodzakelijk is, het eerst vertrekken, terwijl de overigen volgen. Voor zieken, invaliden en dergelijke personen worden afzonderlijke regelingen getroffen, welke nader zullen worden bekendgemaakt. Mededeelingen omtrent den datum van vertrek, de wijze van vervoer van personen en goederen, mede te nemen bagage, vee en huisdieren, geldelijke voorzieningen, enz., zullen ten spoedigste worden gedaan. Het Bureau Afvoer Burgerbevolking met haar organen regelt in overleg met de Burgemeesters de uitvoering van de evacuatie. De aanwijzingen van deze autoriteiten moeten stipt worden opgevolgd. Niemand vertrekke, alvorens zijn persoonsbewijs en distributiestamkaart ter gemeente-secretarie voor het stellen van een aanteekening te hebben aangeboden.
Februari 1944.
8873 – ’44 – K 983

De Burgemeester, (ondertekend met potlood: A. Becking)

Klik op de poster voor een vergroting

Kaarten ‘Overzicht geïnundeerde gebied Hoeksche Waard’ 

Deze kaarten van net na de oorlog laten zien welke gebieden onder water zijn gezet. Let ook op het duidelijk aangegeven traject van de RTM-tram.

Klik op een kaart voor een vergroting

Knipsel ‘Inundatie en evacuatie in de oorlog’ – Kompas 3 juli 2015

De Duitse Weermacht besluit in februari 1944 om de zuidelijke polders in de Hoeksche Waard onder water te zetten. De inundatie wordt ingezet om de vijandelijke opmars uit het westen te verhinderen. Wat dat voor ingrijpende gevolgen had is te zien in Museum Hoeksche Waard en onderwerp van de maandelijkse column van het museum. Door Dini Heijden.
Van Strijen tot Nieuw-Beijerland worden de sluizen opengezet en lopen de polders aan het Haringvliet en het Hollands Diep onder water. Plotseling staat het leven van ca. 22.000 Hoeksche Waarders op zijn kop. Berooid van alles en uit huis en bedrijf gestoten komen deze mensen zonder enig uitzicht op een snelle terugkeer op straat te staan. Tijdelijke bewoning elders in een wagenschuur of kippenhok is geen uitzondering en je moet maar zien dat je weer inkomen vindt. Het vee moet ergens ondergebracht worden en schuren en aardappelputten moeten leeg. Sluiswachters, havenmeesters, ambachtslieden en boeren mogen met toestemming van de Duitsers blijven. Toch keren ook enkele gezinnen clandestien weer terug naar hun droog gebleven huizen meestal op de dijk. Maar waar moeten de kinderen dan naar school? De school in hun eigen dorp was gevorderd door de bezetter en onderwijzers zijn naar elders vertrokken om les te
kunnen geven. In droog gebleven dorpen zoals Nieuw-Beijerland waren de scholen overvol met geëvacueerde kinderen. Juffrouw ’t Hart onderwijzeres uit Piershil bedacht een oplossing. Zij begon illegaal met les geven aan de uittrektafel in de voorkamer van het huis van mejuffrouw Kleijnenberg. Teuntje Veerman en zeven jongens zijn de eerste leerlingen die weer les krijgen en snel komen er meer kinderen. Later komen er schoolbanken en met drie in een bank is er voor iedereen plaats. Na een evacuatieperiode van ruim anderhalf jaar keren in juli 1945 de laatste bewoners van Goudswaard en Strijen terug naar hun huizen. Kinderen zien hun klasgenoten weer terug. Vader gaat weer aan het werk en moeder is veelal bezig om liet huis weer bewoonbaar te maken. De foto van de illegale klas is te zien in de expositie ‘Oorlog in de Hoeksche Waard’ in Museum Hoeksche Waard.

Deze groepsfoto staat eveneens gepubliceerd op piershil.com, klik hier.

inundatie-evacuatie-kompas-3juli2015

1 Comment

Add a Comment
  1. Mijn ouders Gerrit de Graaf (03-12-1919) en Maaike de Graaf-Kruithof (04-01-1924) zouden als gevolg van de inundatie met hun kinderen Kornelis (Kees) (31-08-1942 – nu overleden) en Lya (18-01-1944) met een groep evacuees in Leens e.o. terecht zijn gekomen (Gemeente De Marne vond een lijst met daarop hun namen en geboortedata). Is er in Piershil e.o. daarover iets bekend. Graag leggen we als overige van hun kinderen wat puzzelstukjes vast. We komen Gerrit (en zijn tweelingbroer Goof en hun zus Dirkje) met name genoemd tegen op schoolfoto’s op uw website (1926 en 1928). Pa woonde in het ouderlijk huis (vader Kornelis en moeder Dirkje Boender) op Sluisjesdijk B199 en mijn moeder woonde tot hun trouwen op 20-02-1942 in haar ouderlijk huis (vader Jan en moeder Jannigje van Vuuren) Boendersweg B233. We zijn benieuwd … Frank de Graaf, 06-57145317

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *