web analytics

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten

30 april 1985: Speciale Editie ‘De Vliegende Hollander’ – WO2 Hoeksche Waard
WO2 Hoeksche Waard

30 april 1985: Speciale Editie ‘De Vliegende Hollander’

Op 30 april 1985 verscheen de Vliegende Hollander, Speciale Editie. In deze versie van de Unilever Bedrijven beschreef Lou de Jong het ontstaan van de Vliegende Hollander en werd teruggekeken op de voedseldroppings in Nederland, bekend geworden onder de naam ‘Operatie Manna’.

Speciale Editie 30 April 1985 – U kunt klikken op de 4 pagina’s voor een vergroting.

Afbeeldingen uit de speciale editie

De voedseldropping in cijfers

Uitleg Lou de Jong – Het ontstaan van de Vliegende Hollander 

De oorlog in Europa is ten einde — Nederland is vrij. En dit is de laatste Vliegende Hollander die u door de lucht zal bereiken. Ik wil deze gelegenheid aangrijpen om rekenschap af te leggen en dank te betuigen. Toen ons in Mei 1943 het bericht bereikte dat de radiotoestellen in Nederland in beslag genomen zouden worden, wendden wij onmiddellijk pogingen aan om een regelmatige nieuwsvoorziening door de lucht tot stand te brengen. De Wervelwind, die tot dusver door de lucht was uitgegaan, droeg meer het karakter van een politiek en geestelijk maandschrift. Van De Vliegende Hollander wilden wij een weekblad maken met het voornaamste nieuws, kaarten en foto’s. Officiële Engelsche en Amerikaansche instanties verleenden ons onmiddellijk hulp, en zo kon op 22 Mei 1943 het eerste nummer verschijnen met de foto’s van den RAF-aanval op de stuwdammen in het Ruhrgebied. Als weekblad werd De Vliegende Hollander tot Sept. 1944 verspreid. Toen veranderde de situatie echter geheel. De Geallieerden hadden zich van Arnhem moeten terugtrekken. De bevrijding van het Noorden zou nog vele maanden vergen. De electriciteitsvoorziening zou er spoedig tot stilstand komen, met als gevolg: nog minder radioluisteraars. Dus werd het plan geopperd, van De Vliegende Hollander een dagblad te maken. Dit plan was in drie dagen verwezenlijkt. Op Maandag 2 oktober was het eerste nummer klaar. De verspreiding van het dagblad was geconcentreerd op de groote steden. Het steeds verder inschrompelen van verkeer en vervoer beperkte het tempo waarin de nummers circuleerden, zoodat de meeste lezers in het nu pas bevrijde gebied sinds October waarschijnlijk slechts een beperkt aantal exemplaren van dit blad in handen hebben gekregen. Er werden echter groote aantallen uit Engeland overgevlogen. In October ’44 ruim 3 miljoen, in November 4 miljoen, in December 3,5 miljoen, in Januari 2,5 miljoen, in Februari 4,5 miljoen, in Maart 6 miljoen, in April 5,5 miljoen. Zoowel als weekblad als dagblad stond De Vliegende Hollander onder een gemengde redactie bestaande uit Nederlanders, Engelschen en Amerikanen. De samenwerking liet nimmer iets te wenschen over. Het werd van den eersten tot den laatste dag verricht in een goeden geest van Geallieerde samenwerking, waarvan de vriendschappelijk naast elkaar prijkende vlaggen in den kop het zinnebeeld waren. De redactioneele werkzaamheden voor het blad werden van meet af aan verricht ten kantore van Radio-Oranje. Tot September vorig jaar was mijn collega G. Sluizer eindredacteur. Toen hij naar bevrijd gebied vertrok, nam ik zijn werk over. Als Nederlander wil ik hier – en naar ik hoop, namens tallooze landgenooten voor wie De Vliegende Hollander geen onbekende is geweest – een woord van hartelijken dank neerschrijven aan al onze bondgenooten die ons geholpen hebben bij het samenstellen en verspreiden van het blad: de officieele instanties die de plannen goedkeurden en hun welwillend maar waakzaam oog lieten gaan over den inhoud; allen die behulpzaam waren bij den opmaak; en, last but not least, de jongens eerst van de Royal Air Force, later van de Amerikaansche Achtste Luchtmacht, die met zooveel enthousiasme het riskante werk van de verspreiding op zich namen. Bij deze operaties boven Nederland zijn verschillende toestellen verloren gegaan. Met weemoed en dankbaarheid willen wij hier allen gedenken die, terwijl zij het hunne deden om ons volk te helpen, geestelijk in leven te blijven, het eigen leven offerden.
L. de Jong